Alledaagse stadssociologie
Alledaagse stadssociologie

(c) Jan Rath / Gers!, 2025 -- Mooie muziek
Mooie muziek
Alle steden hebben een specifieke geschiedenis, bevolkingssamenstelling, economie, bebouwing, en noem maar op. Wie een flits van de hefbrug ziet—meer is niet nodig—, of het beeld van Zadkine, of de Kuip weet genoeg: dit is Rotterdam. Maar steden hebben natuurlijk meer kenmerkende eigenschappen, zoals geuren of geluiden.
De Rotterdamse dichter Jan Prins sloeg de spijker op zijn kop toen hij in 1937 tijdens een maaltijd met letterkundigen in Kralingen zichzelf beschreef: ‘Te Rotterdam ben ik geboren onder den adem van de Maas, en liep daar met mijne eigen stilte, te midden van het straatgeraas’. Vervolgens bezong hij zwaarbespannen sleperswagens en ronkend gebonk van vrachtboten. Geluiden doen ertoe.
In de jaren na de Tweede Wereldoorlog wist elke Rotterdammer te vertellen hoe de wederopbouw klonk: als de oorverdovende herrie van stampende heimachines. In de publieke ruimte waren er natuurlijk ook andere geluiden dan industriële. Denk aan die van scooters, brommers met lekkende knalpotten, remmende auto’s, sirenes van hulpdiensten, of aan die van het luchtalarm elke eerste maandag van de maand, of het vuurwerk rond de jaarwisseling. Daarnaast zijn er ook menselijke stemmen en muzikale geluiden.
Passanten op straat hoorden geregeld het gebeier van kerkklokken, of de vrolijke tonen van een draaiorgel. De orgelman—als ware hij een moderne DJ—stelde het repertoire van de dag samen, en met zijn centenbak versterkte hij—al dan niet geholpen door een knecht of een uitgedoste aap—tevens het ritme. Te hooi en te gras vertoonden hoempa bands en fanfares zich op straat, vooral als er iets te vieren was. De komst van Sinterklaas, de viering van Koninginnedag of het kampioenschap van Feyenoord waren ondenkbaar zonder hun muzikale omlijsting. Verder werd er in de stad veel gezongen: op school en in de kerk natuurlijk, thuis en bij de zangvereniging, maar dat was het dan zo’n beetje.
Een en ander veranderde met de introductie van nieuwe technologie. Luistervinken waren reeds voor de oorlog aan de buizenradio gekluisterd om Louis Davids of zijn zusje Heintje te horen zingen, en na de oorlog de Skymasters met Annie de Reuver. Bioscopen zoals het Colosseum op de Beijerlandselaan trokken talrijke bezoekers, niet alleen voor de kleurenfilms, maar ook om meneer Cor Stein ‘live’ te zien spelen of andere wereldsterren zoals Lou Bandy, de Wama’s en Eddy Christiani.
Het stedelijke muzieklandschap veranderde pas echt nadat de transistor zijn intrede deed en er zoiets als een cultuur van popmuziek van de grond kwam. Er was geen stopcontact meer nodig om muziek ten gehore te brengen. En wie het wilde kon het geluid zelfs op 10 zetten, tot grote ergernis van huisgenoten of de buren. Evenmin waren muziekliefhebbers nog aan een bepaald tijdstip gebonden: de radio—aanvankelijk vooral de commerciële zeezenders—zonden de hele dag uit. De uitvinding van microprocessoren en de daaropvolgende verspreiding van computers en het Internet heeft deze ontwikkeling vele malen versterkt. Individuen en bedrijven kunnen 24/7 muziek maken en afspelen. Braderieën, straatfestivals, rondhangplekken, verkiezingsbijeenkomsten, protestacties, en noem maar op zijn ondenkbaar zonder elektronisch versterkte muziek. Dergelijke uitingen geven onze stad dynamiek, en ze etaleren de diversiteit die Rotterdam zo kenmerkt.
Maar soms is het teveel en snak je naar een moment van stilte. Die teringmuzak dringt zich overal op: in de lift, op de bouwplaats, in de winkel het en winkelcentrum, het tuincentrum, en zelfs—godbetert—de online klantenservice. De argeloze burger die een bedrijf belt merkt eensklaps dat hij ‘in de wacht’ is gezet met voortdurend herhalende ‘gezellige’ muziek.
Zoveel is zeker: een duizelingwekkende muzikale kakafonie kleurt vandaag de dag het stedelijke landschap, maar soms is die niet te harden.
30 oktober 2025
Eerder verschenen als column in Gers!, 39: 57.
Hier klikken voor meer photoblogs
UNIVERSITY OF AMSTERDAM, DEPARTMENT OF SOCIOLOGY
NIEUWE ACHTERGRACHT 166, OFFICE B6.00
PO BOX 15508, NL-1001 NA AMSTERDAM, THE NETHERLANDS
VOICE +31-6-5540-9466 | +31-20-525-3488 (SECR SOC)
E-MAIL RATH@UVA.NL
© JAN RATH 2022. SOME RIGHTS RESERVED.