Op-Ed NRC — Academisch Nederland, hélp Turkse collega’s

Op-Ed NRC — Academisch Nederland, hélp Turkse collega’s

Posted by Jan Rath | January 5, 2017

Academisch Nederland, hélp Turkse collega’s

Door Erdogans zuiveringsslag dreigt er een generatie academici verloren te gaan in Turkije, waarschuwen en

De academische vrijheid in Turkije staat ernstig onder druk. In het afgelopen jaar zijn duizenden wetenschappers ontslagen, geschorst, gearresteerd, of hun contract werd niet verlengd. De zuiveringsslag werd begin 2016 ingezet onder de 1.100 ondertekenaars van een brandbrief. Daarin werd president Erdoğgan opgeroepen de vredesbesprekingen met Koerden te hervatten en het geweld in het zuidoosten van het land te stoppen. Sinds de mislukte staatsgreep midden juli ligt het gehele wetenschappelijke veld onder vuur: van academici die in verband worden gebracht met geestelijke Fethullah Gülen (die verantwoordelijk wordt gehouden voor de mislukte coup), ‘sympathisanten’ van de PKK tot seculiere criticasters van het bewind.
YÖK, de raad voor het hoger onderwijs, speelt een bepalende rol. Van een instelling gericht op onafhankelijke kwaliteitscontrole, ontpopte het zich tot verlengstuk van de machthebbers. De beschermer van academische kwaliteit en academische vrijheid is vervallen tot een bedreiger ervan. Daarnaast heeft de Turkse overheid afspraken over internationale academische samenwerking opgezegd uit vrees voor de verspreiding van ‘onwelgevallige’ opinies.

Stuk voor stuk ontwikkelingen die een enorme aderlating zijn in een land waarin universitair onderwijs en onderzoek juist een vlucht hadden genomen. Sinds de jaren negentig kunnen ook particulieren onderwijsinstellingen opzetten. Tal van bedrijven en vermogende personen hebben van die mogelijkheid gebruikgemaakt. Grofweg is eenderde van de universiteiten in private handen. Denk aan Koç University, Sabancı, Kadir Has University, Bahçeşehir University, Özyeğin University, Bilgi University en Istanbul Şehir University. Zij bestaan naast oudere en universiteiten met goede reputaties, zoals Boğaziçi University, Bilkent University en Middle East Technical University.
De structuur is vaak op Amerikaanse leest geschoeid, de voertaal Engels. Tot de mislukte staatsgreep studeerden er tal van internationale studenten. Het gros van de staf is internationaal opgeleid (vooral in de VS, maar ook Australië en West-Europa), spreekt voortreffelijk Engels, publiceert in Engelstalige, peer reviewed journals en neemt deel aan internationale onderzoeksprojecten die worden gesponsord door de European Research Council, de EU of andere internationale fondsen. Met sommige universiteiten, zoals Koç University, delen Nederlandse universiteiten PhD-programma’s.
Zowel Turkije als Nederland maken deel uit van het Erasmusprogramma, ter uitwisseling van studenten. Op jaarbasis verblijven zo’n 550 Nederlandse studenten een half jaar aan een Turkse universiteit, een even groot aantal Turkse studenten komt naar Nederland. In het kader van de zogeheten diplomamobiliteit volgen jaarlijks nog eens zo’n 450 Turkse studenten hier een bachelor- of masteropleiding.

Gaandeweg zijn het Nederlandse en Turkse universitaire onderwijs en onderzoek meer en meer met elkaar verknoopt geraakt. Maar wie vanuit zuiver wetenschappelijke principes redeneert en de academische vrijheid hoog houdt, zou nu elke samenwerking met Turkije tot nader order moeten opschorten. Onder de huidige, knechtende omstandigheden is het bedrijven van wetenschap onmogelijk geworden dan wel omgeven met onzekerheden en risico’s. Weggezuiverde academici en de staf en studenten van Turkse universiteiten vragen evenwel met klem om de collegiale contacten niet te verbreken en de nog bestaande samenwerkingsverbanden niet op te zeggen.

Voor deze Turkse academici is dat de enige manier om niet nog verder te vervreemden van hun vak en nog enigszins ‘normaal’ te kunnen blijven functioneren. Er zijn een aantal redenen aan te voeren om hun verzoek te honoreren:
1. Als kandidaat-lidstaat van de EU heeft Turkije toegang tot dezelfde fondsen die ook aan onderzoekers van Nederlandse universiteiten ter beschikking staan.
2. Turkije neemt deel aan Europese onderzoeksprojecten en uitwisselingsprogramma’s waardoor hechte contacten en netwerken zijn ontstaan tussen Turkse en Nederlandse academici en universiteiten.
3. De arrestatiegolf in Turkije is inmiddels zo omvangrijk dat een hele generatie academici nu verloren dreigt te gaan.
4. In Nederland woont een omvangrijke universitaire gemeenschap die haar wortels heeft in Turkije.

Obligate solidariteitsverklaringen

Desondanks beperkt de solidariteit vanuit Nederlandse universiteiten, het ministerie van Onderwijs en de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen zich tot obligate verklaringen van solidariteit met de weggezuiverde academici. Mooie woorden die dringend in daden moeten worden omgezet. Gezamenlijk én ieder voor zich moeten ze zich in het eigen academische huis beraden op hoe Turkse wetenschappers ondersteund kunnen worden. Denk aan (gast)aanstellingen van Turkse academici, gezamenlijke onderzoeksprojecten, het onderbrengen van Turkse promovendi die hun promotietraject om politieke redenen zien stranden, of het gezamenlijk ontwikkelen van onderwijsmodulen.
Bij dergelijke programma’s, hoe beperkt ook, snijdt het mes aan twee kanten: Nederlandse academici en studenten worden zo gedwongen te reflecteren en te reageren op de wereldwijde trend van meer autoritaire regeerstijlen waarin een anti-intellectualistische houding vanzelfsprekender wordt.

Gepubliceerd op NRC Online (5 januari 2017) en in NRC Handelsblad (6 januari 2017).